Antihevelbeveiliging voor tankinstallaties BRL-K916/02

De producten zijn bestemd om te worden toegepast als beveiligingsapparaat voor tankopslaginstallaties van vloeibare aardolieproducten, waarbij de aflevering van product naar de zuigleiding alleen mogelijk is indien de zuigpomp werkt. De antihevelbeveiligingen dienen te zijn uitgevoerd met een vloeistofdruk-ontlastventiel. 

De tankinstallaties zijn bedoeld voor de opslag in bovengrondse opslaginstallaties onder atmosferische druk en omgevingstemperatuur van brandstoffen (diesel en huisbrandolie) en smeermiddelen met een vlampunt van meer dan 55°C.

 

Nieuwe BRL-K916/03

Per 1 april 2018 is de BRL-K916/03 vastgesteld. De nieuwe BRL-K916/03 sluit beter aan bij de vraag van gecertificeerde chemie installaties volgens de BRL-K903 / BRL SIKB 7800. De BRL-K916/03 is uitgebreid met eisen voor het gebruik van antihevelbeveiligingen in de chemie.

De kwaliteitsverklaringen die op basis van BRL-K916/03 verliezen hun geldigheid op 1 oktober 2018, 6 maanden na de bindend verklaring van de BRL-K916/03 (1 april 2018).

Voor wie?

Voor gebruik in alle installaties waar hevelwerking in bijvoorbeeld de zuigleiding mogelijk is en de opgslagen vloeistof milieubedreigend is voor water en bodem. Installatie van antihevelbeveiligingen op stationaire tanks vindt plaats door een installatiebedrijf dat gecertificeerd is overeenkomstig beoordelingsrichtlijn BRL-K903 "Regeling Erkenning Installateurs Tankinstallaties (REIT)".

Niet stationaire opslag- en afleverinstallaties overeenkomstig BRL-K744/02 moeten voorzien zijn van een gecertificeerde antihevelbeveiliging. Deze wordt vanaf 2010 aangebracht op iedere gecertificeerde niet stationaire opslag- en afleverinstallatie.